Mattias Gijsbertsen

Wethouder Groningen

"Het hoofd koel, maar het hart warm."

Mattias is wethouder in Gronigen-stad met de portefeuilles Sociale Zaken, Jeugd, Volksgezondheid en Duurzaamheid.

Mattias kwam in 2006 voor GroenLinks in de raad en werd in 2010 fractievoorzitter. Hij was lijsttrekker voor GroenLinks Groningen bij de verkiezingen van 2010 en 2014. Sinds mei 2014 is hij wethouder met de portefeuilles Sociale Zaken, Jeugd, Volksgezondheid en Duurzaamheid. Daarnaast heeft hij ook integratie, emancipatie, groenparticipatie, ecologie en dierenwelzijn in portefeuille.

Mattias rondde in 2010 de master 'Geschiedenis van de politieke cultuur' aan de Rijksuniversiteit af. In de jaren daarna was hij docent Politiek bij Windesheim te Zwolle. Hij heeft verschillende functies binnen GroenLinks en DWARS landelijk bekleed. In december 2013 werd hij eervol gekozen als hoogste nieuwkomer op de GroenLinks-kandidatenlijst voor de Europese Parlementsverkiezingen. In steunbetuigingen werd hij toen onder meer strategisch, kundig, bevlogen en inhoudelijk sterk genoemd.

Bevlogen Wethouder
Als wethouder trok hij onder andere de aandacht door de start van experimenten met vertrouwen en maatwerk voor bijstandsgerechtigden, de introductie van rookvrije zones in de openbare ruimte rond onder andere ziekenhuizen en scholen en de aanleg van een warmtenet in het noordwesten van de stad als alternatief voor aardgas.

Mattias werkt graag volgens het principe 'het hoofd koel, maar het hart warm'. Zijn politieke motivatie is al vroeg ontstaan. “Als zoon van een predikant kwam ik al op jonge leeftijd in aanraking met mensen met uiteenlopende problemen. De politiek is voor mij een weg om ervoor te zorgen dat mensen weer gezien worden in een wereld van systemen, efficiëntie en instituties. Zo kunnen we weer perspectief en kansen geven aan bijvoorbeeld mensen en kinderen in armoede of met gezondheidsproblemen.”

Gelijkwaardigheid
Culturele vrijheid, ruimte voor zelfontplooiing en emancipatie zijn begrippen die Mattias nauw aan het hart liggen. “Het gaat dan natuurlijk om gelijkwaardigheid tussen man en vrouw, tussen hetero en homo zoals ik, tussen autochtoon en allochtoon. Maar emancipatie gaat net zo goed over kansengelijkheid voor kinderen, over perspectief op een nieuwe toekomst voor mensen in schulden, over eigenaarschap van bewoners bij nieuwe schone energie. De politiek kan helpen om de vrijheid en de kansen te creëren voor mensen om hun eigen leven naar eigen inzicht vorm te geven, in goede relaties met hun omgeving en degenen die hun lief zijn.”